“Ja, dat hebben we geregeld.”
In audits en risicoanalyses hoor ik die zin vaak.
Mijn vervolgvraag is dan meestal:
Waar blijkt dat uit?
Daar komen de begrippen opzet, bestaan en werking om de hoek kijken.
Ze helpen om onderscheid te maken tussen een maatregel die logisch is bedacht, een maatregel die daadwerkelijk is ingevoerd en een maatregel die gedurende de tijd aantoonbaar doet wat hij moet doen.
Voor informatiebeveiliging is dat onderscheid bijzonder nuttig.
Wat betekent opzet?
Opzet gaat over de vraag of de maatregel passend is ontworpen.
Voorbeeld:
De organisatie wil voorkomen dat onbevoegden toegang krijgen tot kritieke systemen.
De opzet kan dan bestaan uit:
- individuele accounts;
- multi-factor authenticatie;
- beperkte beheerrechten;
- periodieke toegangsreview;
- procedure bij uitdiensttreding.
De auditvraag is:
zou deze inrichting, als zij goed wordt uitgevoerd, het risico voldoende beheersen?
Wat betekent bestaan?
Bestaan betekent dat de ontworpen maatregel daadwerkelijk is ingevoerd.
Bij hetzelfde voorbeeld kijk je dan of:
- MFA technisch is geactiveerd;
- beheeraccounts bestaan;
- rechten zijn ingericht;
- reviewproces is gestart;
- offboardingprocedure wordt gebruikt.
Een beleidsdocument met “MFA is verplicht” bewijst het bestaan van MFA nog niet.
Daarvoor wil je de feitelijke inrichting zien.
Wat betekent werking?
Werking gaat een stap verder.
De maatregel bestaat, maar functioneert hij ook structureel?
Bijvoorbeeld:
- is MFA gedurende de onderzochte periode actief gebleven;
- zijn nieuwe accounts correct toegevoegd;
- zijn uitzonderingen beheerst;
- zijn kwartaalreviews werkelijk uitgevoerd;
- zijn gevonden afwijkingen opgelost;
- zijn vertrokken medewerkers tijdig afgesloten.
Daarmee verschuift de vraag van aanwezigheid naar betrouwbaarheid.
Waarom is dit onderscheid zo bruikbaar?
Omdat veel beveiligingsproblemen juist tussen deze drie lagen ontstaan.
Goede opzet, geen bestaan
De procedure is uitstekend beschreven, maar technisch nog niet ingevoerd.
Bestaan, beperkte werking
De kwetsbaarheidsscanner draait, maar niemand volgt de bevindingen tijdig op.
Werking zonder duidelijke opzet
Een ervaren beheerder doet verstandige controles, maar alles zit in zijn hoofd en niemand weet wat er gebeurt als hij vertrekt.
De drie begrippen maken zulke verschillen zichtbaar.
Voorbeeld: back-up en herstel
Opzet
Er is bepaald:
- welke systemen worden geback-upt;
- welke frequentie geldt;
- welke bewaartermijn nodig is;
- hoe back-ups worden beschermd;
- welke hersteltijden passen bij de bedrijfsvoering.
Bestaan
Je kunt zien dat:
- back-uptaken zijn ingericht;
- opslag bestaat;
- rechten zijn beperkt;
- meldingen worden gegenereerd.
Werking
Je kunt aantonen dat:
- taken structureel succesvol draaien;
- fouten worden opgevolgd;
- restore-tests plaatsvinden;
- herstel binnen de gewenste termijn lukt.
Voor bestuur/directie is vooral die laatste stap relevant.
Een groene back-upstatus zegt minder dan aantoonbaar herstelvermogen.
Voorbeeld: leveranciersbeheer
Opzet
Er is bepaald welke leveranciers kritisch zijn en welke eisen gelden.
Bestaan
Contracten, SLA's en beoordelingsprocessen zijn ingericht.
Werking
Leveranciers worden daadwerkelijk periodiek beoordeeld, assurance wordt gelezen, afwijkingen worden opgevolgd en risico's worden geactualiseerd.
Dat is het verschil tussen “we hebben leveranciersmanagement” en “we sturen aantoonbaar op leveranciersrisico”.
Voorbeeld: incident response
Opzet
Er is een incident response plan met rollen en escalatie.
Bestaan
Contactlijsten, draaiboeken en voorzieningen zijn beschikbaar.
Werking
De organisatie oefent, actualiseert contactgegevens, verwerkt lessen en weet tijdens een incident werkelijk wie beslist.
Wat betekent dit voor bestuur en directie?
Voor bestuur/directie maakt het onderscheid managementinformatie veel scherper.
Neem de uitspraak:
“Onze kritieke controls zijn op orde.”
Ik zou dan willen weten:
- bedoelen we dat ze zijn beschreven;
- technisch zijn ingevoerd;
- of aantoonbaar gedurende de tijd functioneren?
Dat zijn drie verschillende niveaus van zekerheid.
Een bruikbare bestuurlijke vraag
“Van welke belangrijke beveiligingsmaatregelen weten we alleen dat ze bestaan, en van welke hebben we ook aantoonbare werking?”
Dat levert vaak een interessanter gesprek op dan een dashboardscore.
Wat betekent dit voor de IT-manager?
Voor de IT-manager helpt het vooral om bewijs uit normale beheerprocessen te halen.
Denk aan:
- accountreviews;
- patchrapportages;
- vulnerability tickets;
- SIEM-alertopvolging;
- restore-tests;
- change logs;
- endpointstatus;
- leverancierstickets.
Dan ontstaat bewijs automatisch tijdens het werk.
Dat is veel efficiënter dan vlak voor een audit screenshots verzamelen.
Hoe toets je werking zonder bureaucratie?
Je hoeft niet ieder detail continu te controleren.
Begin risicogericht.
Stap 1
Selecteer de controls die het meest relevant zijn voor kritieke risico's.
Stap 2
Bepaal welk bewijs logisch is.
Stap 3
Leg vast wie de controle uitvoert.
Stap 4
Bepaal een passende frequentie.
Stap 5
Registreer afwijkingen en opvolging.
Dat kan voor de ene control maandelijks zijn en voor een andere jaarlijks.
Waar gaat het in de praktijk vaak mis?
De procedure wordt als bewijs gezien
Een procedure bewijst vooral de opzet.
Een screenshot wordt als structurele werking gezien
Een screenshot laat één moment zien.
De control heeft geen eigenaar
Dan is onduidelijk wie afwijkingen moet opvolgen.
Er is bewijs, maar niemand beoordeelt het
Een rapportage zonder opvolging is nog geen effectieve control.
Alles krijgt dezelfde controlefrequentie
Risico bepaalt hoe vaak je wilt toetsen.
Opzet, bestaan en werking in een audit
In een audit gebruik ik deze begrippen om bewijs te structureren.
Bijvoorbeeld:
| Control | Opzet | Bestaan | Werking |
|---|---|---|---|
| MFA | beleid en ontwerp passend | technisch actief | structureel actief, uitzonderingen beheerst |
| Back-up | hersteldoelen bepaald | back-up ingericht | restore aantoonbaar getest |
| Toegangsreview | proces beschreven | reviewmechanisme aanwezig | reviews uitgevoerd en afwijkingen opgelost |
| Leveranciersreview | criteria vastgesteld | proces ingericht | reviews periodiek uitgevoerd |
| Incident response | rollen en plan | draaiboeken beschikbaar | geoefend en verbeterd |
Dat maakt een auditrapport ook voor management begrijpelijker.
Het verband met interne beheersing
Interne beheersing draait uiteindelijk om vertrouwen in de werking van maatregelen.
Daarom passen deze begrippen zo goed bij informatiebeveiliging.
Je kunt ermee voorkomen dat gesprekken blijven hangen in:
- beleid;
- tools;
- certificaten;
- plannen.
De kernvraag wordt:
welke risico's beheersen we, met welke maatregelen, en hoe weten we dat die maatregelen werken?
Dat is voor mij de essentie van aantoonbare informatiebeveiliging.
Wil je dit breder in de organisatie inrichten? Bekijk dan de Kynexis-dienst Interne beheersing informatiebeveiliging.
Passende vervolgstap
Van inzicht naar gerichte verbetering
Wil je onafhankelijk vaststellen waar de belangrijkste risico’s en verbeterpunten liggen? Kynexis helpt om de vraag scherp te formuleren en de uitkomst bestuurlijk en praktisch bruikbaar te maken.
Bekijk Interne beheersing informatiebeveiliging →

